Waarom ik nooit met pensioen wil

Waarom ik nooit met pensioen wil

Wanneer je net als ik ergens in de dertig bent, duurt het nog wel even voordat je met pensioen gaat. Tegen die tijd is er mogelijk zoveel veranderd, dat het niet meer lijkt op het pensioen van vandaag. Dus, waarom zou je er dan nu al over nadenken?

Pensioen is typisch iets voor later; we hebben nu genoeg andere dingen aan ons hoofd. En toch is het goed om er eens bij stil te staan. Want het pensioen heeft ook invloed op het leven wat je vandaag leeft.

Waarom zou ik nu al nadenken over mijn pensioen?

Heb je weleens bij een all-you-can-eat-restaurant gegeten? Ik wel! Van tevoren keek ik daar erg naar uit. Maar toen het eindelijk zover was en ik twee keer een bord vol lekkers had opgeschept was ik het alweer spuugzat.

Oneindig veel van iets klinkt aantrekkelijk, maar vaak valt het tegen. Helemaal wanneer je er veel voor hebt gelaten of voor hebt moeten doen.

Pensioen is een soort all-you-can-eat-vrijheid. Vanaf dat moment tot aan onze laatste dag hoeven we he-le-maal niets meer en kan alles… 

Misschien klinkt dat je als muziek in de oren en kun je eigenlijk niet wachten. Maar ik ben bang dat de manier waarop we nu met pensioen omgaan ons in verhouding meer kost dan dat het oplevert. 

Ik wil je laten zien wat er mis is met ons pensioen, wat de alternatieven zijn en welke voordelen deze alternatieven hebben. Aan het eind hoop ik je geïnspireerd te hebben om op zoek te gaan naar een manier van werken en leven die past bij jou – zonder wanhopig te verlangen naar je pensioendatum.

Misschien klinkt een leven lang werken als een zware last. Toch wil ik je graag de voordelen laten zien van nooit met pensioen gaan. 

Maar voordat ik je vertel waarom ik niet met pensioen wil, wil ik eerst toelichten wat ik bedoel als ik het over pensioen heb.

Wat is pensioen eigenlijk?

Pensioen is best ingewikkeld, dus ik zal proberen het zo helder mogelijk uit te leggen.

Pensioen is een inkomensverzekering en garandeert iemand van inkomen voor levensonderhoud (wonen, eten, kleding) wanneer werken door arbeidsongeschiktheid, invaliditeit of ouderdom niet meer mogelijk is.

Meestal bestaat dit pensioen uit meerdere pijlers:

  1. Het basispensioen (in Nederland AOW – Algemene Ouderdomswet genoemd)
  2. Het aanvullend pensioen (wat je opbouwt bij je werkgever, doordat jij en/of je werkgever premie betalen gedurende de periode dat je werkt)
  3. Het vrijwillig pensioen (lijfrenten, levensverzekeringen, spaarrekeningen, aandelen, etc.) 

In de breedste zin van het woord betekent pensioen dus alle gelden die iemand opbouwt om een periode van niet werken en dus geen inkomen (meestal vanwege ouderdom) te overbruggen. 

Daar kunnen we nog veel dieper op ingaan, want er zijn veel nuances. Maar dat gaat voor nu te ver. Wat ik wel wil doen in de context van dit artikel, is de betekenis nog wat breder trekken. 

Wat ik bedoel met mijn pensioen = niet meer werken.

Waarom ik niet met pensioen wil

Zoals ik hierboven beschreef klinkt pensioen eigenlijk best aantrekkelijk; lekker sparen gedurende je werkzame leven om uiteindelijk niet meer te hoeven werken. En toch, hoe meer ik er mee bezig ben, hoe minder ik met pensioen wil.

Het pensioen roept bij mij drie grote vraagtekens op (en nog een heleboel kleine, maar die zijn nu even niet belangrijk). Dit zijn mijn drie grote pensioendilemma’s:

  1. Ik weet niet hoeveel ik moet sparen
  2. Ik wil nu ook genieten
  3. Ik wil graag nuttig zijn en blijven

1. Ik weet niet hoeveel ik moet sparen

Het eerste probleem is je mogelijk al snel duidelijk. We weten niet hoelang we leven en hoelang ons pensioen duurt. En dus ook niet hoeveel we moeten sparen voor dat pensioen. 

Vergelijk het met een vakantie waarbij je van tevoren niet precies weet hoelang die gaat duren. Voor die vakantie spaar je een bedrag bij elkaar en dat is écht alles wat je uit kunt geven. Geen verborgen potjes, geen rekening waarop we rood mogen staan. Niets van dat alles. 

Hoeveel geld kun je per vakantiedag uitgeven? Dat is een dilemma. We weten immers niet hoe lang we blijven. 

En wat als we de eerste week iets gaafs tegenkomen wat veel geld kost. Moeten we dat dan links laten liggen of genieten we ervan en nemen we het risico dat we onze vakantie vroegtijdig moeten afbreken omdat het geld op is?

Nu zijn de meeste vakanties redelijk afgebakend en gebudgetteerd, maar voor een pensioen is dat veel lastiger. Afgezien van het basispensioen is het geld op een gegeven moment op.

En dat is slechts één van de zijdes. Want een ander scenario is (helaas) dat je pensioenperiode maar kort duurt? Dan hebben we voor niets zo hard gewerkt en gespaard. 

Het is lastig sparen voor iets waarvan je niet weet hoeveel het gaat kosten. En dat wordt verder bemoeilijkt doordat we verschillende behoeftes hebben die gaandeweg de jaren telkens veranderen. Wil je nog een wereldreis maken of blijf je gezellig in het dorp wonen? Wat wil je nog doen nadat je met pensioen bent? En wat wil je bijvoorbeeld nalaten voor je (klein)kinderen. 

We kunnen er allerlei berekeningen op loslaten en collectieve pensioenfondsen opzetten, maar voor het individu (en dus ook voor mijzelf) blijft het een gok wat precies de totale kosten én baten zullen zijn.

2. Ik wil nu ook genieten

Het tweede probleem is wat mij betreft nog ietsje groter. Want het pensioen kan zomaar een doel op zich worden. Iets waarmee we zo druk bezig zijn dat we nu vergeten te genieten

Het werkzame leven wordt dan een grote en lange sprint naar de finish. Zoveel en zo hard mogelijk werken om het geld bij elkaar te sprokkelen voor ons pensioen en dan ‘eindelijke’ kunnen bijkomen van de inspanning die we jarenlang hebben geleverd.

Dit brengt ons terug bij probleem 1: we weten niet hoeveel geld we precies nodig hebben voor later. De veilige optie is om er vanuit te gaan dat we lang leven. Dat betekent hard werken en zoveel mogelijk sparen om – hopelijk – voldoende pensioen op te bouwen. 

En dat legt druk op ons leven nu. Want hoe kan ik vandaag genieten als ik het geld later misschien hard nodig heb?

Onbedoeld komen we zo in een spagaat terecht. Moet ik nu hard werken en weinig genieten of nu juist genieten en niet weten of ik genoeg heb voor later? En verwachten we niet teveel van het bereiken van die finish lijn? Alsof we dan pas écht kunnen genieten.

3. Ik wil graag nuttig zijn

Dat we genoeg pensioen willen sparen, met het oog voor de korte en lange termijn, is niet eens mijn grootste probleem.

Want wanneer ik erover nadenk en het beeld schets van de scheidslijn tussen mijn loopbaan en pensioen, dan lijkt het alsof ik straks niet meer echt nuttig ben. Dat ik er rond die ‘berekende pensioenleeftijd’ niet meer echt toe doe en wordt uitgerangeerd als een oude stoomlocomotief. 

Natuurlijk is het niet zo zwart wit, maar de waarde van werk mag niet onderschat worden. Werk is meer dan alleen een middel om van inkomen te voorzien. Ons werk is ook een manier om invulling te geven aan andere doelen die we hebben. En in werk vinden we betekenis. Het geeft ons een bepaalde mate van voldoening.

Daarmee bedoel ik niet dat we altijd voor dezelfde werkgever moeten blijven werken. Maar ik denk wel dat we na onze 66e (of 71e, maar dat zien we tegen die tijd wel) nog steeds genoeg hebben bij te dragen. Dat kan in betaalde vorm, maar denk natuurlijk ook aan vrijwilligerswerk of andere vormen van maatschappelijke bijdrage.

***

Maar je mag toch genieten van je pensioen?

Pensioen is mooi en is het een periode om tot rust te komen en te genieten. Dus wat is nu eigenlijk het probleem Remco, zul je misschien denken? Wat is de kern?

Nou dit: Het contrast tussen het werkzame leven en het pensioenleven is te groot. Er is een onbalans. De eerste periode staat voor werken, werken, werken en de tweede periode voor enkel nog rust en bijkomen. En dat is niet waarvoor we gemaakt zijn.

Ik wil niet met pensioen omdat het contrast te groot is. Het legt een onnodige druk op het werken en moet daarnaast het pensioen wel héél speciaal maken.

De scheidslijn tussen 45 jaar lang je volledig uit de naad werken om vervolgens alles uit je handen te laten vallen en niets meer te doen moet naar mijn idee weg.

Het contrast moet kleiner. Het werkzame leven vraagt ook nu om rust en genieten. Net als dat we tijdens ons pensioen nog genoeg bij te dragen hebben.

Hoe zou het eruit zien als we dat contrast weghalen? Wat als we niet met pensioen gaan? Kan het ook anders?

Alternatieven voor ons pensioen

Ik ben niet de enige die de gebreken van ons pensioenbeleid (en beeldvorming) ziet. Er wordt wereldwijd gezocht naar alternatieven voor werken en pensioen. Ik zal er bij drie kort stilstaan en dan vertellen welke mij het meeste aanspreekt. 

Nog vroeger met pensioen
De eerste verwacht je misschien niet in een artikel over geen pensioen. Dat is namelijk de FIRE beweging; Financially Independent, Retire Early (in het Nederlands: financieel onafhankelijk, vroeg met pensioen). 

Het doel is om financieel onafhankelijk te zijn en zo vroeg mogelijk met pensioen te kunnen door zoveel mogelijk geld te besparen door sober te leven. Door binnen strakke kaders te leven verdienen deze mensen ergens tussen hun 30e en 50e de vrijheid om niet meer te hoeven werken en kunnen ze hun tijd besteden zoals ze graag willen. Dit bestaat bijvoorbeeld uit werkweken van 4 uur.

Sabbaticals
Naast de FIRE Movement is er een groeiende groep mensen die eens in de zoveel jaar een sabbatical neemt. Zij proberen het ritme van werken en rust te variëren door op bepaalde momenten veel (uren) te werken en op andere momenten bewust te genieten en te ontspannen. Zo integreren ze het werkzame en vrije leven meer met elkaar en blijven ze duurzaam inzetbaar, zonder dat dit vergaande financiële gevolgen voor hun inkomen of het pensioen heeft.

Ikigai
En dan is er nog een derde beweging of eigenlijk cultuur. En dat is die van de bewoners van Okinawa met hun Ikigai. De bewoners van Okinawa kennen geen woord voor pensioen zoals wij dat kennen. In plaats daarvan is er een woord dat hun hele leven omvat; iets wat ze hun hele leven, tot aan de dood beoefenen: Ikigai.

Ikigai betekent ruwweg vertaald “de reden om ’s morgens op te staan”. Het is datgene wat je het meeste drijft en is jouw bijdrage aan jouw gemeenschap.[1] En dat houdt nooit op, ook niet wanneer je stopt met betaald werk.

Misschien dat dat ook de reden is dat deze gemeenschap de meeste honderdjarigen in de hele wereld kent. 

*** 

Pensioen is voor iedereen anders. Zoals je ziet zijn er ook uiteenlopende alternatieven, maar juist Ikigai spreekt mij erg aan. Want wat is er mooier dan elke dag een reden hebben om ‘s morgens vroeg op te staan? Dat wil je toch niet alleen doen tussen je 20e en 65e, maar alle dagen van je leven?

Werk ik genoeg? Geniet ik genoeg? Kan ik nog van betekenis zijn als ik stop met werken? Allemaal vraagstukken die wegvallen als we gaan leven vanuit een reden om ‘s ochtends op te staan.

De voordelen van niet met pensioen gaan

Ooit heeft iemand het pensioenstelsel bedacht. Daar zijn we mee verder gegaan en lange tijd voldeed het aan onze wensen. Maar nu is het tijd om onze visie op pensioen te upgraden. Laten we puur als gedachte-experiment eens kijken wat het betekent als we ons hele leven niet met pensioen gaan.

1. We kunnen het wat rustiger aan doen

Nadeel van wel met pensioen gaan
Wie van zijn pensioen een doel maakt is aan het werk om te werken. Het pensioen is de finishlijn en de weg ernaartoe een lange sprint. Het kan ervoor zorgen dat we niet echt de ruimte nemen om van het leven hier en nu te genieten. Wat de Dalai Lama zegt over deze Westerse sprint vind ik erg pakkend:

Wat me het meest verbaast bij de westerse mens, is dat hij zijn gezondheid opoffert om veel geld te verdienen en vervolgens dat geld weer uitgeeft om zijn gezondheid terug te krijgen.

Door altijd maar met de toekomst bezig te zijn, beleeft hij het heden niet.

Hij leeft dus noch in het heden, noch in de toekomst.

Hij leeft alsof hij nooit zal moeten sterven en sterft alsof hij nooit geleefd had.

Voordeel van niet met pensioen gaan
Het idee van de sprint naar de finishlijn is onrealistisch. Het leven is geen sprint, maar een marathon. Die loop je niet zomaar even uit. En nog belangrijker; de finish zelf geeft maar even voldoening. (Dit kan ik je vertellen als langeafstandsloper).

Het is de reis zelf, de mensen die we tegenkomen, wat we doen en niet doen en wie we zijn wat ons betekenis geeft.

Wie lang sprint heeft veel kans op blessures, maar wie de tijd neemt kan een marathon lopen. De harde finishlijn van pensioen weg te laten geeft ons de ruimte om langer en rustiger aan onze loopbaan te werken, tussendoor pauzes te nemen en vooral ook te genieten van de reis. We kunnen flexibeler zijn in de functies die we willen doen en we hebben alle tijd om te leren en te groeien. 

Tegelijk hebben we ook nu op de mooiste (jongere en misschien fittere) momenten tijd voor plezier en kunnen we genieten van alle andere dingen die misschien op dit moment vooral bij de vrijheid van het pensioen lijken te horen.

Hierdoor ontstaat er bijvoorbeeld ruimte voor speciale projecten (zoals de bouw van een woning of het schrijven van een boek), voor sabbaticals en prachtige reizen. Maar ook om voor onszelf of onze kinderen te zorgen, te herstellen van (lichamelijk) leed en overwerken te voorkomen.

2. We hebben minder geld nodig

Nadeel van wel met pensioen gaan
Er is een bekende oneliner van Loesje die symbool staat voor mijn studententijd: ‘Aan het eind van mijn geld houd ik altijd een stuk maand over.’ 

Zo kan ons pensioen er ook uitzien als we stoppen met werken. We houden dan aan het eind van ons pensioen een stukje leven over.

Toen het pensioen werd bedacht haalde slechts een enkeling de leeftijd van 70 jaar. Maar dankzij moderne gezondheidszorg en een beter welzijn kunnen we inmiddels meer dan 80 jaar oud worden. 

In 2019 was de resterende levensverwachting op 65-jarige leeftijd 19,2 jaar voor mannen en 21,7 voor vrouwen.[2] Dat betekent dat mannen zo’n 84,8 jaar en vrouwen 86,7 jaar oud worden.

De pensioenperiode stijgt harder dan dat de periode waarin we werken stijgt. We moeten nu al zo’n 20 jaar pensioen verdienen in 40 jaar tijd.

Voordeel van niet met pensioen gaan
Als we niet met pensioen gaan hoeven we in de eerste 40 jaar minder hard te werken. In plaats van 40 jaar werken en 20 jaar pensioen blijven we over een langere periode geld verdienen voor ons levensonderhoud. 

Dat klinkt misschien als verplaatsen van het geldprobleem, maar dat is het niet. Geld wat je vandaag verdient wordt elk jaar namelijk minder waard door inflatie. Jouw euro vandaag is over 10 jaar misschien nog maar 50 cent waard. Dat wordt wel gecompenseerd doordat pensioengeld belegd wordt, maar dan nog steeds is er verlies.

Daarnaast; door geld te blijven verdienen houden we kasstroom. Als er elke maand geld binnenkomt weet je precies wat je uit kan geven. Dat is een stuk makkelijker dan één groot bedrag delen door een onbekend aantal maanden.

In plaats van vooraf al zorgvuldig te plannen hoeveel geld we later misschien nodig hebben, kun je wanneer je doorwerkt gewoon insteken op je maandelijkse inkomsten.

Door geld te blijven verdienen hebben we dus minder ‘vooraf’ nodig. Dat hoeven natuurlijk geen grote sommen met geld te zijn. Als we minder op vakantie gaan en kleiner gaan wonen, kunnen we misschien ook wel met een lager salaris toe. 

3. We blijven gezonder

Nadeel van wel met pensioen gaan
Met pensioen gaan is minder gezond dan je zou denken. Er is (helaas!) een correlatie tussen vroegpensioen en het overlijdensrisico.[3] Verder blijkt dat met pensioen gaan het risico op klinische depressie toeneemt met ongeveer 40 procent. [4]

Met pensioen gaan is een life event en zelfs een stressvolle gebeurtenis. Natuurlijk, we hebben niet meer te maken met een misschien zeurende baas en alsmaar langer wordende takenlijst, maar we laten ook een hoop mooie dingen achter. We missen de leuke collega’s, de dagelijkse structuur valt weg en we zijn niet langer onderdeel van een collectief.

Voordeel van niet met pensioen gaan
Het is belangrijk om iets te gaan zoeken wat jou betekenis geeft nadat je klaar bent met (betaald) werken. Want structuur, sociale contacten en een dagelijks doel houden ons gezond.

De stress van pensioen en de gezondheidsrisico’s zijn niet direct een reden om door te werken, maar zijn wel iets om bewust van te zijn. Probeer werk op een gezonde manier af te bouwen en zoek naar een reden om elke dag op te staan.

4. We kunnen doen waarvoor we gemaakt zijn

Nadeel van wel met pensioen gaan
Veel mensen wachten tot ze met pensioen zijn en gaan dan op zoek naar wat ze echt gelukkig maakt, wat ze leuk vinden en betekenis geeft. Dat is jammer want in de 40~50 jaar die we werken wil je toch net zo goed geluk en plezier ervaren en meer bijdragen dan alleen productief zijn en daarvoor een salaris ontvangen?

Voordeel van niet met pensioen gaan
Ik denk dat we niet echt met pensioen willen en de hele dag niets willen doen. Maar het vooruitzicht op pensioen is wel heel aantrekkelijk als je op dit moment werk doet dat geen voldoening geeft of te zwaar voor je is.

In plaats van het streven naar een pensioen, moeten we streven naar een Ikigai – een reden om op te staan en betekenis in het leven van elke dag. Oftewel: doen waarvoor we gemaakt zijn.

Viktor Frankl, die Auschwitz overleefde, verwoordde het pakkend in zijn boek De zin van het bestaan

Wat een mens nodig heeft is geen spanningsloze staat maar eerder het streven en vechten voor een doel dat hem waardig is. Wat hij nodig heeft, is niet koste wat het kost het ontladen van spanning, maar de roep van een potentiële betekenis die erop wacht om door hem te worden vervuld.

5. We kunnen anderen helpen

Nadeel van wel met pensioen gaan
Van haaien wordt gezegd dat ze constant moeten blijven zwemmen om in leven te blijven. Wij mensen zijn niet heel anders. We moeten iets doen om te blijven leven. 

Als we geen betekenis hebben in ons leven, dan worden we nutteloos en dat terwijl we gemaakt zijn om elkaar te helpen. Wanneer je helemaal stopt met werken valt dit aspect ook weg, het bijdragen aan een geheel buiten jezelf/je eigen directe omgeving.

Voordeel van niet met pensioen gaan
Natuurlijk is het soms fijn om even niets te doen. Dat kan zelfs heel waardevol zijn, maar we zijn ook gemaakt om te bewegen, te leven en te zorgen voor onszelf en voor elkaar. Waarom zouden we daarmee stoppen op onze 66e?

De laatste jaren (ruim begrip) zijn perfect om in dienst te staan van anderen; familie en vrienden, je kennis en kunde over te dragen aan andere professionals en jongeren te helpen bij hun levensreis.

Marcus Aurelius verwoordde het zo in zijn boek Meditations:

‘s ochtends, als je moeite hebt om uit bed te komen, zeg tegen jezelf: ‘Ik moet naar mijn werk – als mens. Wat heb ik te klagen, als ik ga doen waarvoor ik geboren ben – de dingen doe waarvoor ik op deze wereld ben gezet? Of is dit waarvoor je gemaakt bent? Om onder de dekens te kruipen en warm te blijven?’

– Maar het is zo lekker hier…

Dus, je bent geboren om je ‘lekker’ te voelen? In plaats van de dingen te doen en te ervaren? Zie je niet dat de planten, de vogels, de mieren en de spinnen hun individuele taken doen, om orde in de wereld te scheppen, zo goed als ze kunnen? En jij wilt niet doen wat jouw taak is als mens? … Is anderen helpen niet waardevol genoeg? Niet je tijd waard?

Conclusie: pensioen is een persoonlijke keuze

Niets is zwart wit. Ook met pensioen gaan niet. Langer doorwerken of vroeg met pensioen is niet altijd een keuze. Soms worden we gedwongen door onze gezondheid om te stoppen of door onze financiële situatie om door te gaan.

Er zijn voldoende redenen om (eerder) met pensioen te gaan en ook om nooit te stoppen. Maar waar het me vooral om gaat is dat we meer in het hier en nu gaan leven, met een andere blik op de ‘niet werkzame’ toekomst en het pensioen niet als een eindstation – of beginstation gaan zien. 

De kern is dat we het leven niet uitstellen totdat we eindelijk klaar zijn met werken. Dat betekent wat mij betreft dat je beter nu al kunt gaan doen wat je eigenlijk wil doen als je met pensioen mag. 

Ik weet zelf wat ik wil doen met de jaren die ik nog cadeau krijg. En dat zijn dus niet de jaren, straks als ik op mijn 66e met pensioen mag, maar alles al daarvoor.

Wat mij betekenis geeft is nieuwe dingen ontdekken en mijn ervaring delen zodat anderen geïnspireerd raken om dingen te doen die ze zelf nog niet bedacht hadden. 

Zolang ik dat op enige manier kan doen door bijvoorbeeld mentor te zijn, te schrijven of een adviesrol aan te nemen en zolang ik onderdeel ben van een gemeenschap, blijf ik met liefde doorwerken.

Wat is de reden dat jij ‘s ochtends opstaat? Wat wil je bereiken? Wat wil je doen? En hoe past het beeld van jouw toekomstige pensioen in dat verhaal? 

Luister naar de muziek, voordat het lied voorbij is

Achter in het boek van de 4-urige werkweek staat een brief die de schrijver Tim Ferriss kreeg van een terminaal ziek meisje. Deze zinnen raakten mij, omdat ze zo centraal staan voor de haast waarmee we leven en waarom ik hoop dat je zoekt naar een rustiger leven, meer in het hier en nu.

Sta even stil.
Dans niet zo snel.

De tijd is beperkt.
Muziek gaat voorbij.

Als je zo hard rent om er te komen
Mis je alle lol onderweg.

Je door de dagen heen tobben en haasten,
is als een weggegooid cadeau.

Het leven is geen race.
Doe het rustiger aan.

Luister naar de muziek
Voordat het lied voorbij is. 

Haast jij je door de werkdagen heen, onderweg naar de finishlijn? Of neem je de tijd om naar de muziek te luisteren?

***

Wil je verder lezen? Dit zijn onze tips:

Voetnoot
[1] Ted Talk van Dann Beuttner over Ikigai
[2] 2020, Volksgezondheid.info, levensverwachting 
[3] 2020, SSA.gov, links between early retirement and mortality
[4] 2020, IEA.org, work longer live healthier

Wil jij ook meer van minder?

Schrijf je in voor onze maandelijkse nieuwsbrief.

Je e-mailadres wordt niet gedeeld met anderen